Voorjaar in het duin

In het voorjaar, zo vanaf maart, raakt het duingebied steeds meer bevolkt met zangvogels. Vogels die na de winter terugkeren uit de overwinteringsgebieden in het zuiden. Eén van die soorten is de kneu. Kneutjes zijn alleraardigste, kleine zaadeters die we bijna altijd in kleine groepjes zien of in paartjes. Onopvallend bruine vrouwtjes en de kleurrijke mannetjes met robijnrood voorhoofd en dito borst. De soort broedt graag in doornig struikgewas zoals meidoorn en braam. Doornige struiken en een overvloed aan zaden van kruiden en grassen, is er voor een vogel een gebied meer geschikt dan de duinen? En twijfelen we welke vogeltjes voor ons op of overvliegen, dan verraadt de kneu zich door zijn roep: knut-knut-knut.

Foto: Sytske Dijksen

Duin Magazine 2019

Gerelateerde berichten

Op 19 april van dit jaar heeft minister Van Essen de officiële status van nationaal park verleend aan een brede kuststrook in Zuid-Holland tussen de Nieuwe Waterweg en de grens met Noord-Holland: het Nationaal Park Hollandse Duinen (NPHD). De vraag is of het NPHD aan de eisen voldoet.
Zondagmiddag 30 augustus kregen de vogelwachters van Camperduin de ultieme beloning voor hun werk. Het sterke vermoeden werd werkelijkheid: de jonge, geringde Bontbekplevier koos voor het éérst het luchtruim.
“Nergens in Nederland is de soortenrijkdom per hectare zo groot als in de Duinen van Oostvoorne”, vertelt Piet Mout, natuurbeschermer en kenner van dit gebied. “Ik heb het mijzelf geleerd”, aldus de oud-leraar biologie, gepensioneerd rector, die bij ieder plantje wel een verhaal te vertellen heeft. “Als wandelaar kun je natuurlijk niet bij ieder plantje stilstaan, maar als je echt de diepte in wil gaan, dan is de Tenellaplas het beste startpunt. Hier kom je alles tegen.”