skip to Main Content

Schouwen-Duiveland

Blauwgroen trechtertje: nieuweling in het voorjaarsduin

Het blauwgroen trechtertje is kleurig paddenstoeltje, dat in het voorjaar te vinden is. Het is een pionier, die vooral voorkomt in de duinen en de zandgronden in het oosten van ons land. In 1986 werd het voor het eerst in de duinen gevonden, op Texel. Overal waar kleinschalige natuurontwikkeling in het duin plaats vindt, kan het paddenstoeltjes zich vestigen, op zandgrond. Na een paar jaar, als de vegetatie toeneemt, verdwijnt het zwammetje weer (Duin magazine zomer 2019).

read more
Stierslangen Tussen Scheveningen En Katwijk

Stierslangen tussen Scheveningen en Katwijk

Een stierslang blijkt op zaterdag 16 mei j.l. de roddelbaan van het attractiepark Duinrell te hebben uitgekozen voor een zonnebad. Daar komen de medewerkers van Duinrell achter als de roddelbaan wordt getest met het oog op een eventuele opening op 1 juni. Na de eerste testrit verdwijnt de stierslang al hevig sissend in de duinen.

Diezelfde week mag de reptielenopvang Serpo in Rijswijk onderdak verlenen aan twee uit het natuurgebied Meijendel afkomstige Amerikaanse stierslangen. Serpo-directeur Walter Getreuer: “Ze zijn goed doorvoed en mooi van kleur. Echt topexemplaren.” Deze twee slangen kreeg hij van drinkwaterbedrijf Dunea en zijn respectievelijke 1,25 en 1,50 meter lang en polsdik. Ook was het die week raak bij de Haagsche Golf en Countryclub in Wassenaar waar een ruim één meter lange stierslang zorgde voor een extra hindernis.

De stierslang (Pituophis Catenifer), ook wel westelijke stierslang of Amerikaanse stierslang genoemd, is een – niet giftige – slang uit de familie gladde slangen (Colubridae). De huidskleur is geel-grijs, met een rij aaneensluitende zwarte vlekken op de rug. Geschat wordt dat er tussen de 40 en 80 exemplaren in het duingebied tussen Scheveningen en Katwijk rondschuiven. Het is niet zeker of de slangen zich succesvol in de duinen voortplanten.

Getreuer denkt dat er zich in het duingebied enkele kolonies bevinden. Ze voeden zich met de (beschermde) zandhagedis, een rat, muisje of een jong konijntje. Hun prooi drukken ze bij voorkeur dood. De slangen zijn bijna zeker uitgezet, want komen oorspronkelijk niet in de duinen en Nederland voor. Waarschijnlijk zijn de eerste exemplaren in de duinen stiekem gedumpt, nadat de dagelijkse verzorging in het huisterrarium tegen viel.

In de afgelopen jaren kreeg Serpo al meerdere exemplaren afkomstig uit Meijendel. Getreuer: “Het is een hybride soort, wat betekent dat hij is gekruist met een ander soort en dat gebeurt niet in de natuur, maar alleen in gevangenschap. Het zijn exoten die hier niet thuishoren”.

De Amerikaanse stierslang kan twee meter lang worden, twintig jaar oud en houdt een winterslaap. In de zomer is hij dol op een warme duinpan en ligt ook wel eens te zonnen op het warme asfalt van een fietspad. Als je zo’n slang ontdek, maak een foto, blijf verder op afstand en bel de dierenambulance die de slang dan kan vangen en naar Serpo-Rijswijk brengt. Per jaar vangt de Dierenambulance Wassenaar er zo een stuk of tien. Ook medewerkers van Dunea vangen jaarlijks wel een paar exemplaren.

Frans H. Micklinghoff

read more
Stikstof, Een Bedreiging Voor Het Ecosysteem In De Duinen

Stikstof, een bedreiging voor het ecosysteem in de duinen

Regenboog op het strand door Ronald van Wijk
Regenboog op het strand door Ronald van Wijk

Juist nu genieten we van de natuur. En dat willen we blijven doen. Het is daarom goed nieuws dat Nederland de komende tien jaar vijf miljard euro uittrekt om stikstofneerslag aan te pakken. In een brief aan minister Schouten en de vier kustprovincies vraagt de Stichting Duinbehoud om vooral te investeren in een goed beheer van natuurherstelprojecten en in de aanleg van buffers rond de natuurgebieden.

Marc Janssen, bioloog en directeur van de Stichting Duinbehoud, is er goed over te spreken dat geld wordt vrijgemaakt voor natuurherstel. “Vijf miljard is een flinke investering en een stap in de goede richting. Maar als het daarbij blijft, dan  staat de natuur in 2030 nog steeds bloot aan te veel stikstof. Ook na 2030 zijn er investeringen noodzakelijk, met name om de stikstofuitstoot structureel omlaag te brengen.”
Oorspronkelijk is het Nederlandse duingebied voedselarm. Eeuwenlang hebben flora en fauna hun overlevingsstrategieën hierop ingesteld. Nu gooit stikstof het ecosysteem danig in de war. In de Hollandse duingebieden is dat terug te zien in een overmatige begroeiing met struiken en grassen. Duinen stuiven daardoor nauwelijks meer en de oorspronkelijke soortenrijke vegetatie, vogels en insecten verdwijnen. Op overwoekerde plekken in de duinen is voor vogels steeds minder voedsel te vinden. Ook dieren zijn de dupe. 

Hoe kunnen we de teloorgang van de duinen aanpakken als de stikstofreductie voorlopig tekortschiet?
Marc Janssen: “Afplaggen van duingebied en bomenkap levert snel zichtbaar resultaat op. Het biedt kansen voor de oorspronkelijk soortenrijke vegetaties”. Maar dat stuit op weerstand bij het publiek, zo bleek recent nog bij de bomenkap in de Schoorlse duinen. Kleinschalige herstelmaatregelen en intensivering van het natuurbeheer zullen noodzakelijk zijn.

Daarnaast zullen de grote vervuilers zoals Tata Steel aangepakt moeten worden en liggen er kansen voor de inrichting van bufferzones rond de natuurgebied. De hervorming van de landbouw kan hierin een rol spelen, een landbouw die de natuur minder belast en de biodiversiteit bevordert. “Het zou mooi zijn als de hooilanden van de veehouderijbedrijven langs de randen van de natuurgebieden komen te liggen en de veestallen op grotere afstand.”

Wat zijn de prioriteiten voor de duinen?
“Ze moeten meer ruimte krijgen, zowel aan de zee- als de landzijde. Bijvoorbeeld door aan de binnenduinrand grond aan de kopen en om te zetten in natuur of extensief hooiland. Meer ruimte voor natuurgebieden vergroot de diversiteit en de overlevingskansen voor planten en dieren. En er moeten ecologische verbindingszones komen tussen het duingebied en de landinwaarts gelegen groengebieden. Dat levert bovendien wandel- en fietsrecreatie op. Goed nieuws dus, voor wandelaars en fietsers. En de lokale economie.”

Groenknolorchis door Ronald van Wijk

Rijkdom aan biodiversiteit
Eric Wisse, duinconsulent van de Stichting Duinbehoud, maakt deel uit van een netwerk dat functioneert als de oren en ogen van de Stichting Duinbehoud in de natuur langs de hele Nederlandse kust. Hij baant zich een weg door duinbegroeiing, die nat is van de miezerregen en de dauw.  Het kalkrijke duin, met aardsterren tussen het duinsterretjesmos grenst aan een zuidhelling; een natuurlijk ‘insectenhotel’, waar duinhagedissen hun eitjes leggen in het warme zand.

Eric: “Het ziet er vredig uit, maar in werkelijkheid is hier een strijd gaande.” Langs een wandelpad in het Westduinpark, bij Duindorp, buigt hij zich over walstro en bitterkruid. Grassen en oprukkende duindoorn verdringen deze zeldzame duinplanten. “Ze worstelen om licht, ruimte en zuurstof. De duinvegetatie kwijnt hier langzaam weg. De kruiden raken overwoekerd door grassen en duindoorn”

Duinvegetatie gedijt bij stikstofarme grond. Uiteenlopende plantensoorten kunnen er vredig naast elkaar leven. Maar gras, bramen en brandnetels groeien ongehinderd door een overmaat aan stikstof, afkomstig uit landbouw, huizen, verkeer en de industrie. “In de afgelopen decennia zijn de stikstofverbindingen in de grond met veertig procent toegenomen,” legt Wisse uit. “Het is een sluipend proces. De duinen herbergen nu nog de grootste rijkdom aan biodiversiteit van Nederland. Misschien wel van heel Europa. Dat laten we niet verloren gaan.”

read more
Nachtegalen Zingen Beter

Nachtegalen zingen beter

Foto: Gertjan van Noord

Wanneer het gevaarlijk Corona-virus dat wil, ligt het ganse raderwerk stil. Geen lange lijsten van files op de radio. Op de beruchte knooppunten, Ketelplein en Grijsoord, lijkt het de gehele week zondagochtend vroeg. Ongeveer vijftig jaar ben ik tussen half april en eind mei wel een keer per week ‘s nachts te vinden in Meyendel, luisterend naar de nachtegalen.

Met altijd het geruis van het autoverkeer op de altijd drukke Landscheidingsweg ( = NORAH) op de achtergrond. Met vaak het geluid van een sirene van een ambulance of politieauto erboven uit gillend. En nu? Niets. Behalve dan de zang van de nachtegalen. Door niets meer verstoort. Het lijkt alsof ze het weten. Want ze zingen extra luid, extra mooi en extra lang. De toegang tot Meyendel is gesperd voor alle verkeer. Langzaam wandelend in het nachtelijk duister op rubber zolen dringen we gestaag verder in een soms sprookjesachtige wereld van wonderlijke geluiden. Dan rent een egel op zijn kleine pootjes over het pad op zoek naar een wormpje. Plots schieten twee konijnen over de weg. De oorzaak van hun vlucht zien we enkele minuten later: een vos.

Boven in de bomen zingen de nachtegalen. Is die van links uitgezongen, begint die recht voor ons, bijgevallen door eentje achter ons. Een jewelste van trillers, uithalen en muzikale acrobatiek. Soms is het even doodstil. We horen zelfs het geluid van de branding. Maar verder helemaal niets. Geen auto’s, sirenes of het geluid van overvliegende vliegtuigen of voortrazende sneltreinen. Dan barst het nachtegalenkoor zonder dirigent weer uit in een chaotische symfonie van tonen, waarvan er geen een vals is. Tja, zo zou het ieder voorjaar moeten klinken, zonder storende bijgeluiden. Hoewel … hopelijk is de oorzaak van deze soms indrukwekkende stiltes tussen de uitbundige nachtegalenzang snel voorbij.

F. Micklinghoff

 

read more
Broedvogels In De Waterleidingduinen

Broedvogels in de Waterleidingduinen

…komen en gaan….

Vrijwilligers tellen al meer dan dertig jaar broedvogels in de Amsterdamse Waterleidingduinen. Daardoor weten we nu hoe de vogelstand in de loop der jaren is veranderd. Soms weten we hoe dat komt, en soms is het gissen naar de oorzaken. Maar dát er veel is veranderd staat vast…..

Hoe tel je broedvogels?

Amsterdamse Waterleidingduinen
Amsterdamse Waterleidingduinen, Ronald van Wijk

Als je broedvogels telt moet je vooral goed zijn in geluiden herkennen, en precies noteren wat je waar hoort. Vogels zingen in het voorjaar om hun territorium af te bakenen. Al lopend door het veld noteer je (tegenwoordig op tablet of smartphone) al deze zingende vogels met soortnaam. Als op min of meer dezelfde plek twee of drie weken later weer een fitis zit te zingen, kun je aannemen dat dit dezelfde is en dat deze fitis hier zijn territorium heeft. Na meerdere inventarisatierondes bepaalt tegenwoordig de computer (met allerlei BMP-regels) hoeveel fitissen, grasmussen, wilde eenden en nachtegalen er in ‘jouw’ plotje een territorium hadden dat jaar, terwijl dat vroeger handmatig gebeurde. Het voordeel daarvan is dat overal in het land het interpreteren en het vaststellen van territoria op uniforme wijze gebeurt en dat daardoor de resultaten nog beter te vergelijken zijn.

Welke soorten?

Van 1985 tot 2015 zijn in de AWD in totaal 121 verschillende soorten territoriale vogels vastgesteld. Dat is best veel, want het recente aantal broedvogelsoorten in Nederland is 220 (zie kader: atlas). De afgelopen 30 jaar zijn in de AWD 12 soorten verdwenen: patrijs, torenvalk, boomvalk, wulp, ransuil, zwarte specht, zomertortel, veldleeuwerik, tapuit, paapje, kauw en kleine barmsijs. Deze vogels zijn rond 1990 al als broedvogel verdwenen. Sperwer leek verdwenen, maar komt in recente jaren weer tot broeden. Er zijn ook zeven nieuwe broedvogels bijgekomen: aalscholver (vanaf 1993, nu een hele kolonie van ca. 500 paren), buizerd (tot 20 paren), havik (tot 13 paren), roerdomp (zo’n 3 paren), wespendief (1 a 2 paren), blauwborst, goudvink en appelvink.

Ontwikkelingen en oorzaken

Het jarenlange veldwerk maakt het mogelijk voor 90 soorten een trend te berekenen. Sommige soorten nemen toe, andere juist af. Veranderingen bij broedvogels hebben vaak complexe, uiteenlopende achtergronden, die zich niet zo maar laten samenvatten – áls we alle oorzaken al zouden weten.

Rond de wateren in de AWD bleven rietvogels min of meer stabiel; watervogels namen overwegend af en de aalscholver heeft zich gevestigd.

Bosvogels – waaronder vink en grote bonte specht – kwamen in deze periode als winnaar uit de bus. Ook de meeste struikbroeders en roodborsttapuit, grasmus en braamsluiper deden het goed. Door afname van dynamiek en stikstof uit de lucht zijn de Hollandse duinen in de 20e eeuw sterk van karakter veranderd: struweel en bos namen toe en open duin nam in oppervlakte af. Dit verklaart een deel van de toename van veel bos- en diverse struweelbroeders en de afname van kritische soorten van het open duin. De achteruitgang van de tapuit, een typerende soort voor duingraslanden, staat model voor veel van de hierboven opgesomde problemen. Overigens lijkt de vergrassing sinds 2006 gestopt en neemt het oppervlak stuivend zand in de AWD weer toe, maar vogelsoorten van het open duin keren (nog) niet terug: een interessant onderzoeksthema.

Voor veruit de meeste soorten in de AWD geldt dat de trends nauwelijks afwijken van het beeld elders in de vastelandsduinen. Voor de soorten van de Rode Lijst zoals wulp en zomertortel geldt dit ook in vergelijking met het landelijke, of zelfs internationale beeld.

Begrazing

Vanuit natuurbeheeroogpunt is in de AWD sinds 1985 vee ingezet om vergrassing terug te dringen. Recent landelijk duinonderzoek toonde een licht negatief of wisselend effect aan op broedvogels. Van grote invloed is de begrazingsvorm: jaarrond of seizoen, met welk type grazer en in welke dichtheid. Specifiek voor de AWD zijn ook de damherten. In 1990 kwamen er slechts weinig voor, in 2015 was de populatie gegroeid tot 3000 dieren. Overbegrazing door damherten leidt tot een sterke afname van kruiden en struwelen in het hele gebied. Dit lijkt zijn weerslag te hebben op de nachtegaal, zo toont ander onderzoek aan. Recent neemt de soort in de AWD af. Elders in de duinstreek waar geen damherten voorkomen is de recente nachtegalentrend stabiel en is de nachtegaal algemeen (zie kader). Sinds 2016 beheert Waternet de damhertenpopulatie . De inzet is om in 2021 de stand terug te brengen naar ongeveer 800 dieren. Vanwege de overbegrazing door damherten heeft Waternet de veebegrazing vanaf 2015 voorlopig geheel stopgezet.

Predatie

Predatie is het roven van volwassen vogels, eieren en/of jongen door roofdieren. In de kleine restpopulaties van tapuiten speelt predatie door vossen een rol: ieder geroofd nest heeft hier meteen een groot effect. Ook de opkomst van de toppredatoren onder de vogels heeft een groot effect gehad: grote soorten als havik, buizerd en bosuil verschenen, terwijl de kleinere sperwer, boomvalk, torenvalk en ransuil (nagenoeg) verdwenen. Ook het (vrijwel) verdwijnen van zwarte specht, kauw en groene specht uit de AWD schrijven we grotendeels toe aan de opkomst van de havik.

Toekomst?

Helaas zijn de aan open duin gebonden broedvogels (nog) niet teruggekeerd naar het landschap dat ogenschijnlijk is teruggebracht in de staat waarin het verkeerde toen de populaties het nog goed deden. De oorzaken liggen dan ook breder. Zo heeft stikstof uit de lucht niet alleen direct effect op flora en vegetatie, maar waarschijnlijk ook op fauna. Terugdringen van stikstofneerslag is dan ook nodig en zal een kwaliteitsimpuls voor de duinnatuur betekenen.

Hoe de vogelstand in de toekomst weer gaat veranderen weten we alleen als vrijwilligers blíjven inventariseren. Lijkt het u leuk? Informeer dan bij uw lokale vogelwerkgroep.

KADER
Vogelatlas 2018

Van 2013-2015 hebben vogelaars alle kilometerhokken van heel Nederland onderzocht op zowel broedvogels als overwinteraars. Dit heeft geleid tot een prachtige Vogelatlas waar je alle ontwikkelingen per vogelsoort sinds de jaren 70 in kunt opzoeken. Met beschrijvingen van ecologie en verspreidingskaarten. Lees bijvoorbeeld alles over de achteruitgang van de tapuit en de ontwikkelingen van de nachtegaal op: https://www.vogelatlas.nl/

Artikel uit Duin magazine, tekst: Antje Ehrenburg

Antje Ehrenburg is redacteur van DUIN en medeauteur van het artikel: Spek, V. van der, L. Schaap & A. Ehrenburg 2018. Dertig jaar broedvogelmonitoring in de Amsterdamse Waterleidingduinen. Limosa 91 (2018): 108-122

read more
Voorjaar In Het Duin

Voorjaar in het duin

In het voorjaar, zo vanaf maart, raakt het duingebied steeds meer bevolkt met zangvogels. Vogels die na de winter terugkeren uit de overwinteringsgebieden in het zuiden. Eén van die soorten is de kneu. Kneutjes zijn alleraardigste, kleine zaadeters die we bijna altijd in kleine groepjes zien of in paartjes. Onopvallend bruine vrouwtjes en de kleurrijke mannetjes met robijnrood voorhoofd en dito borst. De soort broedt graag in doornig struikgewas zoals meidoorn en braam. Doornige struiken en een overvloed aan zaden van kruiden en grassen, is er voor een vogel een gebied meer geschikt dan de duinen? En twijfelen we welke vogeltjes voor ons op of overvliegen, dan verraadt de kneu zich door zijn roep: knut-knut-knut.

Foto: Sytske Dijksen

Duin Magazine 2019

read more
Bergen En Duinen

Bergen en duinen

Al meer dan een eeuw trekken schilders, dichters en schrijvers naar het Noord-Hollandse dorp Bergen. Bekend zijn vooral de kunstenaars van de Bergense School die sinds 1910 Amsterdam voor kortere of langere tijd verruilden voor dit rustige, pittoreske dorp. De prachtige natuurlijke omgeving van Bergen en het bijzondere licht langs de Noordzeekust hadden en hebben nog steeds een grote aantrekkingskracht. Het was voor het eerst dat zoveel kunstenaars tegelijkertijd in Bergen werkten.

De Bergense School

Omstreeks 1915 ontstond rond de Franse schilder Henri le Fauconnier een eigen, herkenbare schilderstijl: de Bergense School. Kunstenaars als Leo Gestel, Dirk Filarski, Arnout Colnot en Matthieu Wiegman schilderden in een kubistisch-expressionistische stijl. In een donker en warm kleurenpalet, met veel contrasten in licht en donker en met krachtige vormen verbeelden zij hun omgeving. Met name het 17e eeuwse Oude Hof en zijn bosrijke omgeving is meerdere malen door hen geschilderd. Ook maakten zij dorpsgezichten en uitzichten op de polders in de omgeving van Bergen. Het duinlandschap komt echter sporadisch voor in hun werk: áls zij al duinen schilderden, hadden die veelal een ondergeschikte rol als bescheiden voor- of achtergrond: een koolveld met op de achtergrond een rijtje duinen. Of een gezicht op Alkmaar geschilderd vanaf de binnenduinrand. Ook het strand en de zee hebben deze kunstenaars nauwelijks als onderwerp voor een schilderij genomen.

Job Graadt van Roggen

Schilderij: Job Graadt van Roggen

Toch werden in die periode de duinen rond Bergen wel degelijk getekend en geschilderd. Een decennium eerder dan zijn collega’s van de Bergense School vestigde Job Graadt van Roggen zich als een van de eerste kunstenaars in Bergen. Na zijn opleiding aan de Minerva Academie in Groningen en de Rijksacademie in Amsterdam was hij actief als graficus; hij maakte vooral reproductie-etsen van de Haagse School. In Bergen ging hij zich meer en meer toeleggen op schilderen en aquarelleren. Hij trok er graag alleen op uit, wellicht was zijn doofheid hier debet aan, en schilderde veelal in de buitenlucht. Tijdens zijn wandelingen, en ook reizen naar het buitenland, had hij de ezel en schilderspullen bij zich. Graadt van Roggen heeft het duingebied tussen Bergen en Camperduin talrijke malen weergegeven in schilderijen, etsen en aquarellen.

Bergen aan Zee

In 1906 werd Bergen aan Zee gesticht. Hier liet Graadt van Roggen in 1911 een zomerhuis bouwen: Noviomagum. Het huis stond aanvankelijk alleen op het duin en bood een prachtig uitzicht op duinen en zee. In die tijd waren de duinen nog open en voornamelijk laag begroeid. Graadt van Roggen was gefascineerd door de blonde duinen van de zeereep en de grote stuifduinen. In de periode 1910 – 1927 maakte hij zijn meest ´blonde´ werk. Hij gaf het duinlandschap realistisch maar met veel gevoel weer. In zijn schilderijen en aquarellen komen geen menselijke figuren voor, alle aandacht is voor het zand en de vegetatie die in allerlei tinten groen en bruin is weergegeven.

De kunstenaar woonde veertig jaar in Bergen. Al die jaren heeft hij het duinlandschap geschilderd, het verveelde hem nooit. Hij verbeeldde steeds andere stukjes van het gevarieerde duingebied rondom Bergen of koos een ander standpunt. Collega-kunstenaar Mia van Regteren Altena schreef in 1948 over zijn werk: ‘De plastiek van het vaderlandsche duinlandschap levert onbegrensde mogelijkheden van altijd weer nieuwe en andere composities.’

Museum Kranenburgh

In het schitterend gelegen Museum Kranenburgh geniet je normaliter van de beroemde schilderijen van de Bergense School, maar ook van hedendaagse kunst, interessante lezingen of leuke workshops. Met een museumcafé, een museumshop met kunstuitleen en KunstenaarsCentrumBergen onder zijn dak én historisch Museum Het Sterkenhuis op loopafstand biedt Kranenburgh voor elk wat wils. Werk van Graadt van Roggen en leden van de Bergense School is te zien. De kunst uit de periode voor 1940 vormt het fundament van de collectie van het museum. Vooral werken van de Bergense School maar ook van enkele voorlopers als Job Graadt van Roggen.

Meer info: https://www.kranenburgh.nl/

Artikel uit kwartaalblad Duin door Marianne van Gils, conservator Museum Kranenburgh

read more
Glans Op Het Wad

Glans op het wad

Vandaag verschijnt de nieuwe publicatie Glans op het wad, waarin auteur Dick Hoekstra op toegankelijke wijze de geheel eigen geschiedenis schetst van de vijf Nederlandse Waddeneilanden en hun bewoners. Op zoek naar een ‘eilandidentiteit’ onderzocht hij de geografische, politieke en sociale ontwikkelingen op de eilanden, die een roeriger geschiedenis achter de rug hebben dan menig toerist (en bewoner!) vermoedt.

Glans op het wad
Glans op het wad – Dick Hoekstra

Elk eiland biedt naast de buitengewone natuur van strand, zee en duinen, ook prachtige rustieke dorpjes. Dat is niet ‘vanzelf’ gekomen. Het ontstaan van dit cultureel-historisch erfgoed kent een lange en vooral bewogen geschiedenis. Het begon met stormvloeden, verdronken dorpen, talrijke, soms eigenzinnige monniken, bestuurders en eilandeigenaren. En wat te denken van de walvisvaarders en de rol van sommige eilanden als letterlijk ankerpunt van de zich onstuitbaar ontwikkelende Nederlandse economie in de 17e en 18e eeuw?

Natuurbeheerders zetten zich in de 19 e een 20 ste eeuw in om eilanden te laten ‘overleven’ door de ingenieuze aanplant van bossen en het aanbrengen van duin- en dijkversterkingen. En toen kwamen de toeristen. Het verleden is op alle eilanden nog goed zichtbaar, onder meer in de vorm van natuur- en rijksmonumenten. Ze dragen bij aan de eilandidentiteit, die je als toerist niet alleen voelt maar ook kunt zien, als je er tenminste oog voor hebt. Die bewustwording verwoordt de auteur met het verhaal door de eeuwen heen en ondersteunt hij met talrijke prachtige foto’s van nu.

Dick Hoekstra is emeritus-hoogleraar/Afdelingshoofd Celbiologie aan het UMCG. Na zijn emeritaat reist en fotografeert hij veel, vooral langs de Nederlandse, Duitse en Deense Waddenkust.

Verkrijgbaar bij de boekhandel en via www.noordboek.nl
Glans op het Wad – Dick Hoekstra
Noordboek Natuur | ISBN 978 90 5615 498 1 | Hardcover | 240 pagina’s | Formaat 22 x 27 cm |
Prijs € 22,50

read more
Vrijwillig Kantoormedewerker

Vrijwillig kantoormedewerker

Duinbehoud is op zoek naar een vrijwillig kantoormedewerker. Je bent het visitekaartje van de Stichting Duinbehoud en je bent ook verantwoordelijk voor administratieve werkzaamheden. Als vrijwillig kantoormedewerker heb je een belangrijke rol binnen de Stichting Duinbehoud.

Wat zoeken wij?

  • je kunt goed in een team werken en bent zelfstandig;
  • je bent klantvriendelijk en sociaal;
  • je kunt goed omgaan met vertrouwelijke informatie.

Wat ga je doen?

  • contacten onderhouden met donateurs;
  • het regelen van afspraken;
  • ondersteunen bij organisatie van bijeenkomsten;
  • afhandelen van uitgaande en inkomende communicatie.

Waar kom je te werken?

Duinbehoud is een kleine ambitieuze natuurbeschermingsorganisatie met lef, waar natuur én de mens centraal staan. Vind je het leuk om je in te zetten voor het duinlandschap en wil je graag je expertise delen, dan zien we graag je reactie tegemoet.

Stuur je  reactie naar Sanne van Bohemen via sanne@duinbehoud.nl of (071) 514 37 19

read more
Waterwinning En Natuurbehoud In De Duinen: Daar Komen We Samen Uit!

Waterwinning en natuurbehoud in de duinen: daar komen we samen uit!

Drinkwaterbedrijven en natuurbeschermers van de Stichting Duinbehoud trekken meer en meer samen op om de natuur in de duinen te beschermen. Het nieuwste nummer van het tijdschrift Duin beschrijft hoe ecologen en bestuurders van drinkwaterbedrijven, en de natuurbeschermers van Duinbehoud, samenwerken om schoon drinkwater voor miljoenen burgers te maken met behoud van natuur en recreatie in de duinen.

Duinmeer door Ronald van Wijk
Duinmeer door Ronald van Wijk

 

Schoon drinkwater is alleen mogelijk wanneer de bronnen en de drinkwatervoorraad  goed worden beheerd. Dat betekent onder andere dat de duinen moeten worden beschermd. In de huidige discussie over stikstof lijkt het er soms op, dat de natuur ondergeschikt moet worden gemaakt aan het belang van landbouw en verkeer. Onzin natuurlijk, want de natuur zorgt voor veel van onze behoeften. Niet alleen drinkwater is gebaat bij vermindering van de uitstoot van stikstof, ook de lucht die we inademen en onze natuurlijke leefomgeving waarin we ons dagelijks kunnen ontspannen heeft er voordeel bij. Willen we dat allemaal opofferen voor nog meer export van landbouwproducten of 30 km/u harder rijden op de snelweg? Nee, natuurlijk niet en het hoeft ook niet.

In het nieuwste nummer van het tijdschrift Duin beschrijven drinkwaterbedrijven en natuurbeschermers hoe de van oorsprong tegenstanders in de duinen door dialoog en samenwerking zijn gekomen tot partners in natuurbehoud. Opvallende projecten, waardevolle natuur, goede planologische bescherming en slimme oplossingen hebben onze Nederlandse duinen gemaakt tot wat ze nu zijn: één van de grootste natuurgebieden van Nederland met Europese uitstraling en rustgebied voor miljoenen recreanten, die dagelijks genieten van de schoonheid en diversiteit van de natuur in de duinen. Dezelfde duinen die ook duurzaam bijdragen aan de gezondheid van burgers door een verantwoorde productie van schoon en lekker drinkwater. Een voorbeeld dat navolging verdient, bijvoorbeeld in de aanpak van de stikstofproblematiek.

Het kwartaalblad “Duin” wordt uitgegeven door de Stichting Duinbehoud en wordt toegestuurd aan alle abonnees. Het nieuwste nummer is een themanummer over de drinkwatervoorziening in de duinen. Wil jij Duin ook ontvangen? Word donateur en klik hier.

read more
Ruim Baan Voor De Strandbroeders!

Ruim baan voor de strandbroeders!

Jan Baks
Fotograaf: Jan Baks.

 

Strandbroeders, zoals de Strandplevier, de Bontbekplevier en de Dwergstern, zijn vogels die op het strand broeden. Hun nest is niet veel meer dan een kuiltje in het zand, vaak tussen de schelpjes. De eitjes zijn zo goed gecamoufleerd dat ze bijna onzichtbaar zijn en datzelfde geldt voor de broedende plevieren. Door de toenemende drukte op de stranden is er nauwelijks nog ruimte voor deze vogels om te broeden en hun jongen groot te brengen. Om de strandbroeders een handje te helpen zijn er initiatieven gestart voor het inrichten van broedstranden. Stichting Duinbehoud werkt hieraan mee.

Nico van Kappel
Fotograaf: Nico van Kappel.

Voor het realiseren van de broedstranden worden relatief rustige stukken strand uitgezocht waar jonge duintjes ontstaan. Dit zijn de plekken waar de strandbroeders graag hun nesten maken. Aan het begin van het broedseizoen worden delen van het broedstrand afgezet, zodat niemand de nesten te dicht kan naderen of er zonder erg op kan trappen. Gelijk met de afzettingen worden informatiepanelen voor de strandbezoekers geplaatst. Regelmatig lopen er vogelwachters op het broedstrand om voorlichting te geven en vragen van het publiek te beantwoorden, maar ook om mensen aan te spreken op ongewenst gedrag en de broedresultaten te monitoren. Op het Schouwse Verklikkerstrand is vorig jaar zo’n broedstrand ingericht. Met goed resultaat:

Afgelopen zomer zijn op dit strand weer kuikens van de zwaar bedreigde Strandplevier uitgevlogen!

Wat kunt u doen om de strandbroeders te helpen?

  • Houd uw hond aan de lijn in de buurt van afzettingen
  • Blijf buiten de afzettingen
  • Blijf met vliegeren en (water)sporten een eind bij de afzettingen vandaan
  • Wandel zoveel mogelijk op het harde, natte zand
  • Vogels met jongen komen ook buiten de afzettingen; houd minimaal 50 meter afstand

Stichting Duinbehoud werkt met een aantal natuurorganisaties aan de realisatie van broedstranden op geschikte locaties langs de hele Nederlandse Noordzeekust; zo wordt er weer ruim baan gemaakt voor de strandbroeders!

Mede mogelijk gemaakt door de Nationale Postcode Loterij.

read more
Stikstof: Waar Het Vandaan Komt En Hoe We Er Vanaf Komen

Stikstof: waar het vandaan komt en hoe we er vanaf komen

Dankzij plaggen, verwijderen van struweel, maaien  en de terugkeer van stuifduinen, herstelt lokaal de duinnatuur. Maar duurzaam, landelijk herstel moet komen van een forse reductie van de stikstofbelasting. De belangen zijn groot: voor de biodiversiteit en het zeker stellen van recreatie en toerisme van miljoenen kustbezoekers.  Acht vragen over stikstof.

Ronald van Wijk
Ronald van Wijk

Wat is stikstof?
Een reukloos gas dat relatief onschadelijk is voor de mens en de natuur. Stikstof bindt zich aan andere stoffen, waardoor ammoniak, stikstofoxiden en nitraat ontstaan. Die stoffen verzuren de bodem, bemesten de bodem en vervuilen de lucht. In de vorm van nitraat, belandt stikstof bovendien in het grondwater.

Waar komt stikstof vandaan?
Met een aandeel van 46% is de landbouw (op het land) de grootste veroorzaker van stikstof in de lucht. Import vanuit het buitenland is goed voor 32%. Huishoudens en het wegverkeer nemen beide 6,1% voor hun rekening. De rest komt van scheepvaart, industrie en afvalverwerking. (Bron: RIVM). Berekeningen door de landbouwsector, waarbij ook de stikstof depositie op de grote wateren wordt meegerekend, geeft een ander beeld, maar ook in die berekeningen is de stikstof depositie veel hoger dan de natuurlijke achtergrondwaarde.

Wat doet stikstof in de natuur?
Het verrijkt de voeding van de bodem en veroorzaakt daar verzuring. Daardoor raken natuurgebieden bedekt met dichte grasmatten en struweel. De natuur wordt daardoor minder divers. Met als gevolg dat soortenrijkdom (biodiversiteit) aan planten, dieren en insecten afneemt. Nitraat in het grondwater is nadelig voor de drinkwatervoorziening. Van de 221 punten voor drinkwaterinname is ons land, zijn er 52 vervuild door onder andere nitraat. Als fijnstof in de lucht, veroorzaakt stikstof bovendien longaandoeningen.

Hoe komt stikstof in de natuur?
Door neerslag vanuit de lucht, de zogeheten depositie. Die heeft zich jarenlang opgehoopt in de bodem. Daardoor zijn natuurgebieden aangetast. De stikstofbelasting wordt uitgedrukt in mol (moleculair gewicht) per hectare. Die bedraagt in Nederland gemiddeld 1.500 mol per hectare.

Vlieland door Kaja van Rhijn
Vlieland door Kaja van Rhijn.

Welk effect heeft stikstof specifiek in de duinen?

Door de overwegend zuidwesten wind is de stikstofneerslag in de duinen lager dan gemiddeld: 1.300 mol per hectare. Dat is aanzienlijk meer dan de kritische grens voor kalkrijke (Max. 1.071 mol) en kalkarme grijze duinen (714 mol), die de EU heeft aangemerkt als natuurgebieden met een hoge prioriteit van bescherming. Voor embryonale en witte duinen en vochtige duinvalleien geldt hetzelfde: de stikstofneerslag is te hoog. Door vergrassing en struweelvorming loopt de biodiversiteit terug en verdwijnen stuifduinen. De oorspronkelijke duinnatuur is daardoor aangetast.

Welk effect hebben stikstofbeperkende maatregelen op de duinen?
Snelheidsverlaging naar 100 km/u (-1 mol), sanering van varkenshouderijen (-3 mol) en minder eiwitrijk veevoer (- 3 mol) leveren nauwelijks iets op. Een halvering van de veestapel brengt de belasting weliswaar terug met 345 mol, maar ook dat is nog niet voldoende om de teloorgang van de duinnatuur tegen te houden.

Is er een oplossing voor het stikstofprobleem in de duinnatuur?
De stikstofbelasting zal nog vele jaren te hoog blijven. Voldoende terugdringen lukt op de lange termijn alleen met blijvende maatregelen voor alle bronnen van stikstofuitstoot en is dus een zaak van lange adem. Gelukkig helpen de maatregelen om de klimaatverandering tegen te gaan en de energietransitie ook om de uitstoot tegen te gaan. Een meer circulaire landbouw legt ook gewicht in de schaal. Om de periode te overbruggen totdat de stiksneerslag voldoende is teruggebracht, moeten er maatregelen komen om de duinnatuur weerbaarder maken. Dat houdt in: duinvorming aan de zeezijde, sleuven aanbrengen in de zeewering om de duinen te laten stuiven, uitbreiding van de duinnatuur aan de binnenrand door bollengrond en verouderde vakantieparken om te zetten in duinnatuur en het verbeteren van ecologische verbindingszones.

Reductie van de stikstofbelasting eist een hoge tol. Wegen de baten op tegen de lasten?
De kust trekt jaarlijks miljoenen toeristen en recreanten. De natuur waar zij op af komen dreigt door de stikstofbelasting teloor te gaan. Zo slachten we de kip met de gouden eieren. Als belangrijk leefgebied voor een grote verscheidenheid aan planten, vogels, insecten en zoogdieren, is herstel van de duinnatuur bovendien een voorwaarde om een verdere afname van de biodiversiteit in ons land te stoppen. Met een reductie van stikstof in de lucht stellen we bovendien ons drinkwaterbronnen zeker en pakken we longziekten aan.

 

read more
Back To Top