In Dol op de Duinen zetten we elke maand een vrijwilliger of betrokkene van Stichting Duinbehoud in de schijnwerpers. Zij vertellen waarom de duinen een speciale plek in hun hart hebben. Deze keer: Eric Wisse, duinconsulent.
Je vindt soorten in de duinen die bijna nergens anders voorkomen – Duinconsulent Eric Wisse over verwondering, kennis en bescherming
Met een bedachtzame pas loopt Eric Wisse door het Westduinpark. Dit unieke stukje natuur is een Natura-2000 gebied, maar heeft de gebruiksintensiteit van een Haags stadspark. Regelmatig wijst hij op de dingen die hij ziet of hoort, zoals een piepklein bloeiend ruw vergeet-mij-nietje, een razendsnel renspinnetje of het karakteristieke gezang van een cetti’s zanger verscholen in het struweel. Zijn kennis is indrukwekkend, maar wat hij zelf minstens zo belangrijk vindt, is het grotere geheel. “Het gaat om de samenhang en de kwetsbaarheid van de natuur. Die is het beschermen waard.”
Eric groeide op in Leiden, als jongste in een gezin van zeven. De zomervakanties bracht het gezin door in Noordwijkerhout, vlak bij de duinen. Ze wandelden onder meer tussen de Langevelderslag en de Amsterdamse Waterleidingduinen.
“Mijn ouders wezen onderweg op wat zij mooi of bijzonder vonden,” vertelt hij. “Mijn jongste zus kende namen van planten en dieren.” Buiten zijn vond hij fijner dan binnen zitten. Daar, in het zand en tussen het groen, ontstond de basis voor zijn latere betrokkenheid bij de duinen.
Planterfanten
Hoewel een studie biologie voor de hand lag, koos Wisse een andere richting: de PABO en later HBO-SPH. “Op een gegeven moment liep ik vast in mijn werk. Toen ben ik weer naar buiten gegaan en heb ik écht leren kijken.”
In één jaar tijd leerde hij zo’n 300 plantensoorten herkennen. “Misschien een beetje obsessief,” zegt hij met een glimlach, “maar het gaf me een stevige basis.” Daarna volgde hij de natuurgidsenopleiding van het IVN. “Die cursus gaf me een enorme verdieping. Meijendel was het adoptiegebied, waar ik samen met twee medecursisten onderzoek deed naar de natuur en een excursie voorbereidde. Zij hadden kennis van paddenstoelen en libellen. Zo leer je ontzettend snel van elkaar.”
Daarna trok hij regelmatig met gelijkgestemden de duinen in. “We noemden het ‘planterfanten’,” zegt hij. “Gewoon rondlopen, kijken, uitwisselen. Iedereen had zijn eigen specialisme en samen bouwden we kennis op.”
Een kwetsbaar biotoop
Wie door de duinen loopt, ziet een ogenschijnlijk robuust landschap. Maar volgens Wisse is dat misleidend. “De duinen zijn juist kwetsbaar. Je vindt hier soorten die bijna nergens anders voorkomen, zoals de duinsabelsprinkhaan.” Hij wijst op steile, zonbeschenen zandwandjes, gelaagd als een lasagna, waar graafwespen en zandhagedissen leven. “Dat soort plekken moet je beschermen. Eén verstoring – bijvoorbeeld een hond die graaft – kan onbedoeld grote gevolgen hebben.”
Ondertussen staat het ecosysteem onder druk. Stikstof, klimaatverandering, oude aanplant en invasieve soorten veranderen het landschap ingrijpend. “Als je niets doet, groeien de duinen dicht. Dan ontstaat er bos en verdwijnen juist de soorten die het duin zo bijzonder maken.”
Herstel en beheer
Het Westduinpark zelf heeft een bewogen geschiedenis. De relatief jonge duinen, ontstaan in de twaalfde eeuw, zijn door de eeuwen heen sterk beïnvloed. Er werd zand opgebracht uit de havens, puin gestort, en in de jaren twintig van de vorige eeuw werden niet-inheemse bomen aangeplant. Ook liggen er, verscholen onder het zand, nog bunkers uit de tijd van de Atlantikwall.
“Al die ingrepen hebben het oorspronkelijke duinlandschap aangetast,” zegt Wisse. “Je ziet het terug in vergrassing, overgroei door bramen en de aanwezigheid van exoten.”
Daarom is actief beheer noodzakelijk. Als vrijwillig beheerder zet Wisse zich samen met een grote groep mensen in voor herstel van het gebied. Al 13 jaar coördineert hij de Werkgroep Westduinen. Elke derde zondag van de maand trekken vrijwilligers het veld in om opslag van bomen en struiken te verwijderen, invasieve soorten zoals gewone esdoorn en Amerikaanse vogelkers aan te pakken en vergrassing tegen te gaan. “Het is fysiek werk,” zegt hij, “maar ook ontzettend waardevol. Je ziet wat je doet en waarom het nodig is.”
Kennis delen
Naast zijn werk in het veld speelt Wisse ook een rol in kennisoverdracht. Hij is mentor bij de natuurgidsenopleiding en ondersteunt excursieleiders met achtergrondinformatie. Samen met andere fanatiekelingen inventariseert hij al jarenlang de flora en fauna. Samen hebben ze ruim 4000 soorten ingevoerd op waarneming.nl. Ook KNNV-werkgroepen, zoals de nachtvlinder-en paddenstoelenwerkgroep, spelen een rol bij dit omvangrijke project.
Netwerken en beschermen
Alweer heel wat jaren is hij duinconsulent voor Stichting Duinbehoud. Hij maakt deel uit van een netwerk van specialisten, dat functioneert als de oren en ogen van de Stichting Duinbehoud in de natuur langs de hele Nederlandse kust. Samen met mede-consulenten Job Hottentot en Albert Aartsen volgt hij de ontwikkeling van het nieuwe Natura 2000-Beheerplan Westduinpark en Wapendal. Hij denkt mee over ecologie, landschap en handhaving. Wisse heeft wekelijks contact met de beheerder of de boswachters van het gebied.
De achteruitgang van broedvogels in de Bosjes van Poot krijgt veel aandacht. De consulenten kijken, samen met de Haagse Vogelbescherming, naar de problematiek van sluippaden. De Werkgroep Westduinen sluit al veel sluippaden af met snoeimateriaal, waardoor illegale mountainbikers uit de Westduinen zijn verdwenen. Daarnaast werkt hij ondermeer samen met de Algemene Vereniging voor Natuurbescherming en de Bomenstichting Den Haag.
Tot slot
Voor Eric Wisse zijn de duinen meer dan natuur alleen. Ze vormen een levend systeem waarin alles met elkaar samenhangt—en waarin kennis, aandacht en zorg onmisbaar zijn. “Als je eenmaal ziet hoe bijzonder het is,” zegt hij, “wil je het ook beschermen.”
Tekst en foto: Marleen Arkesteijn
