Op zoek naar geel walstro

Fotograaf Theo Baas

Elke maand vertelt Duinbehoud over wat er die maand te zien is in de duinen. Deze keer: geel walstro.

Kenmerken en vegetatie

Geel walstro is een lage tot middelhoge, geel bloeiende duinplant met donkergroene naaldvormige, in kransen geplaatste bladeren. Op warme zomerdagen hangt de kruidige geur van de plant over de droge duinvalleien. Vermengd met de geur van tijm geeft het een bijna Mediterrane sfeer. Geel walstro is een kenmerkende soort van de droge duingraslanden, graslanden die vooral uit kruiden bestaan en heel soortenrijk kunnen zijn. Dit type vegetatie bestaat bij de gratie van het konijn. Konijnen houden wel van een kruidig hapje en houden de vegetatie kort. Zonder begrazing zouden grassen de overhand krijgen waardoor de graslanden zouden verruigen.

Gebruik

Eeuwenlang brachten tal van wereldburgers hun eerste levensjaar door op een matras gevuld met geel walstro. Behalve een geurige slaapplaats zou dit tevens bescherming tegen allerlei kwalijke invloeden bieden. In gedroogde toestand parfumeerde het honingkruid de inhoud van linnenkasten en wie het walstro dagelijks in zijn voedselpakket opnam, zou met behulp van dit ‘stro’ een smeulend vuurtje weer hoog doen oplaaien.

De plant is ook zeer in trek bij een andere bewoner van het duin, namelijk de Walstrobremraap. Deze bleke plant, die zelf geen bladgroen bezit, is voor zijn voedingsstoffen op anderen aangewezen en kiest walstro graag als zijn gastheer.

Auteur & fotografie: Theo Baas

Gerelateerde berichten

De dodaars is een schattig uitziende kleine fuut. In het voorjaar kun je ze vinden in kleine duinmeertjes. Goed kijken want ze houden van dichte begroeiing langs de oevers en zijn een beetje schuw.
Drinkwaterbedrijf Dunea mag veertien barakken langs de rand van het duingebied Berkheide (de Mientkant) slopen voor uitbreiding van de drinkwaterproductie en de aanleg van een “landschapspark”. Dat heeft de Raad van State onlangs bepaald. De uitspraak betekent dat een in 2020 verleende sloopvergunning, die door Stichting Het Cuypersgenootschap werd aangevochten, in stand blijft.