Damherten in de duinen: kleur bekennen

De bezoekers van de Amsterdamse Waterleidingduinen kennen het fenomeen. Je hoeft maar een uurtje te gaan wandelen in dit duingebied en je komt ze tegen: de damherten. Een schitterend gezicht en een verrijking voor de natuur in Nederland. Menig bezoeker van de AW-duinen raakt in verroering bij het zien van een majestueus mannetje met zijn grote gewei of een roedel vrouwtjes met jongen.
Damherten zijn ook heel nuttig in het natuurbeheer. Het zijn grazers die een wezenlijke bijdrage leveren aan het tegengaan van vergrassing en aan het open houden van het duingebied.
De laatste jaren zijn er echter steeds meer geluiden te horen dat er wel erg veel damherten rondlopen in de AW-duinen en dat begrazing door damherten ook een keerzijde heeft. Kenners van het duingebied spreken over het teruglopen van het aantal bloeiende planten in het duingebied en als gevolg daarvan ook een achteruitgang van de insectenpopulatie. Het zijn signalen die soms wat overspannen worden gebracht, maar wel serieus moeten worden genomen.
Voor Stichting Duinbehoud wordt het tijd om kleur te bekennen en zich uit te spreken over de vraag of de damherten in het duingebied actief beheerd moeten gaan worden. En actief beheer staat hier, voor de duidelijkheid, voor afschieten van damherten. Een belangrijke voorwaarde voor Stichting Duinbehoud in deze discussie is altijd geweest, dat er een duidelijke ecologische motivatie ten grondslag moet liggen aan het actief beheren van natuur. Alleen als begrazing door damherten in het duingebied aantoonbaar schadelijk is voor de natuur is een actief beheer acceptabel. Zo niet, dan moeten we de natuur lekker met rust laten.
En hier ligt meteen het probleem. Het onderzoek naar de invloed van begrazing door damherten op de natuurwaarden in de duinen is pas kort geleden van de grond gekomen en blinkt (nog) niet uit in het leveren van degelijk wetenschappelijk bewijs. De meningsvorming tot nu toe is voor een belangrijk deel gebaseerd op veldwaarnemingen van duinkenners en moet worden aangemerkt als “expert judgement”. En onder die duinkenners kunnen de meningen nog verschillen. Zo staat in het advies van het OBN-deskundigenteam Duin- en Kustlandschap uit 2013 dat “alles overziende wordt de invloed (van begrazing door damherten) op de Grijze duinen in zijn totaliteit op dit moment als (voorzichtig) positief ingeschat”. In 2013 was er nog geen breed gedragen notie dat begrazing door damherten schadelijk was voor de natuur.

Toekomstige ontwikkeling
Een belangrijke motivatie voor Stichting Duinbehoud om mee te gaan in de gedachte dat een actief beheer van de damherten gewenst is, is de geconstateerde ontwikkeling van de populatie in afgelopen jaren. Deze ontwikkeling laat zien dat er weinig mechanismen zijn die de populatiegroei van damherten (negatief) beïnvloed, alleen voedselgebrek lijkt een rol te spelen. Of anders gezegd: de populatie van de damherten zal komende jaren doorgroeien totdat het voedsel in de duinen op is. En aangezien het damhert redelijk opportunistisch is in zijn voedselkeuze (hij is niet zo kieskeurig) betekent dit, dat het duingebied komende jaren steeds kaler gegeten zal worden.
Dus hoewel het bewijs voor schadelijke effecten van begrazing door damherten op de natuur in de duinen op dit moment nog niet heel hard is, moeten we wel de verwachting uitspreken dat dit effect de komende jaren zal gaan optreden als gevolg van de nog steeds groeiende populatieomvang.
Vanuit de constatering dat er op dit moment indicaties zijn voor een negatieve invloed van de begrazing door damherten op de natuurwaarden in de AW-duinen en de verwachting dat deze negatieve effecten zullen toenemen, moet het reguleren van het aantal damherten onderdeel gaan uitmaken van het natuurbeheer.

Schapen en koeien
Naast de discussie over damherten speelt in de AW-duinen ook de discussie over schapen en koeien. Waarom zouden we damherten gaan afschieten als we ook heel eenvoudig de begrazing kunnen verminderen door de schapen en koeien te verwijderen uit het duingebied? Voor Duinbehoud is dit een wezenlijk punt dat moet worden meegenomen in de discussie over actief beheer van damherten.

Lynx
Een belangrijke reden voor de sterke groei van het aantal damherten is het ontbreken van natuurlijke vijanden. De Lynx is een roofdier die een rol zou kunnen spelen in het beperken van de groei van het aantal damherten. Nu is het duingebied tussen Noordwijk en Velsen te klein voor een volwaardige populatie van de Lynx, maar er is voldoende voedsel voor een aantal paartjes. En wellicht is het beheren van een aantal (gezenderde?) lynxen eenvoudiger dan het beheren van een grote populatie damherten. Voor Duinbehoud is het een uitdaging om dit onderwerp verder te verkennen.

Ecoduct
Een bijkomend argument voor Duinbehoud in de discussie over actief beheer van damherten is het functioneren van de ecoducten tussen de AW-duinen, de duinen rond Zandvoort en de Kennemerduinen. Deze ecoducten zijn van belang voor de uitwisseling van dieren tussen de verschillend duingebieden en graag zouden wij die ecoducten ook openstellen voor alle dieren, inclusief damherten en andere grazers.
In de Kennemerduinen, waar de grote hekwerken rond het duingebied ontbreken, vraagt dit echter wel om een actief beheer van de damherten. Dit om verkeersslachtoffers en schade buiten het duingebied te voorkomen. Beperkt afschot langs de randen van het duingebied kan hier een alternatief zijn voor het plaatsen van grote hekwerken rond het duingebied.

Wandelen met de Damherten in de Amsterdamsche Waterleiding Duine

Wandelen met de Damherten in de Amsterdamsche Waterleiding Duinen